De witte mangrove is een pionier onder de mangroves, want de soort is vaak als eerste te vinden op nieuwe moddervlaktes. Onder andere langs riviermondingen en oevers, maar ook langs de kust. De soort komt van nature voor in tropisch India, Zuidoost-Azië en noordelijk Australië, en bereikt daar een hoogte tussen de 5 en 20 meter. Net als de grijze en zwarte mangrove groeit de witte mangrove opvallende luchtwortels die rechtop uit de grond komen. Ze zorgen ervoor dat er zuurstof tot de bodem door kan dringen en geven de boom extra stevigheid. Overtollig zout dat door de boom via het water binnenkomt, wordt via de bladeren uitgescheiden. De naam van de mangrove is te danken aan de lichte onderzijde van de bladeren. De mangrove-soort kan bij de juiste omstandigheden bloeien met kleine oranjegele bloemen. Na bestuiving volgen peervormige kleine vruchten. De zaden kiemen in de vrucht terwijl deze nog aan de boom hangt, waarna deze afvallen en naar een nieuwe locatie drijven.
Het is een snelle groeier die uitermate geschikt is als kamerplant. Zorg voor een natte aarde en een zonnige plaats bij een temperatuur tussen de 20-30 graden Celsius. De mangrove kan zowel in zout- als zoetwater groeien.
Zaaibeschrijving: Het gekiemde zaad kan bij ontvangst direct worden gezaaid in een mix van zand en zaai- en stekgrond. Houd de bodem constant licht vochtig tot nat. Voor de eerste ontwikkeling is een temperatuur tussen 25-30 graden Celsius ideaal.