De Curran's palmvaren is een zeer zeldzame cycas-soort uit de Filipijnen, waar deze nog maar in kleine gebieden voorkomt op het Palawan- en Mindoro-eiland. Daar is het groeigebied bij elkaar opgeteld niet groter dan 10 km2 met laaggelegen tropische bossen en open plekken. In de natuur groeit de plant een stam tot 8 meter hoog met bovenin een kroon van sierlijk geveerde bladeren. De bladeren kunnen in de natuur tot ruim 2,5 meter lang worden en kleuren als ze jong zijn van oranje naar groen met een grijzige gloed.
Het is een tweehuizige soort, zodat er mannelijke en vrouwelijke exemplaren nodig zijn voor zaadvorming. Bestuiving vindt in de natuur plaats door insecten, waarna er grote, ronde zaden met ribben gevormd worden. Voor mensen zijn deze zaden, maar ook de rest van de plant enigszins giftig. Ondanks de naam palmvaren is het geen echte palm- of varenachtige, maar een naaktzadige.
In een gematigd klimaat kan de soort gehouden worden als kamerplant waar deze een stuk kleiner blijft dan in de natuur. Het is een langzame groeier die gehouden kan worden op een plek met veel indirect licht. Wanneer de plant ouder wordt, kan deze ook tegen meer direct zonlicht. De soort is gevoelig voor wortelrot, waardoor een goed doorlatende grond belangrijk is: bijv. een mengsel van zaaigrond en perliet. Besproei de bladeren regelmatig voor een hogere luchtvochtigheid.
Zaaibeschrijving: Na ontvangst van het gekiemde zaad kan deze direct gezaaid worden in zaai- en stekgrond. Zorg dat een deel van het zaad nog zichtbaar is bovengronds en dek af met folie op een plaats met veel indirect licht. Houdt de grond constant licht vochtig en zorg voor een temperatuur tussen de 25 en 30grC voor de eerste ontwikkeling.
Foto 1: Nielbert Raner