De baviaankomkommer is een caudex-vormende klimplant uit het zuiden van Afrika. De soort groeit van nature in het noorden van Namibië tot in het zuiden van Zuid-Afrika. In droge savannes, rotsachtige gebieden en woestijnen.
De plant is vooral bijzonder door de grote caudex die gevormd wordt en deze kan wel een diameter van 50cm bereiken! Dit is een verdikte, gespecialiseerde stengel waarin water wordt opgeslagen, waardoor de plant droge periodes kan overleven. In het regenseizoen groeien vanuit die caudex dunne stengels die, mits ze voldoende ondersteuning krijgen, snel de hoogte in klimmen tot een hoogte van 6 meter. De bladeren zijn gelobd en blijven relatief klein, waardoor de plant een compacte en sierlijke uitstraling heeft. De bloemen zijn vrouwelijk of mannelijk en verschijnen van nature in het regenseizoen. De vrouwelijke bloemen verschijnen solitair aan de stengel, terwijl de mannelijke bloemen groeien in een grotere bloeiwijze met 1 tot 12 individuele bloemen. De vrouwelijke bloemen lijken erg op de bloemen van een komkommer, dezelfde gele kleur en vorm maar dan kleiner. Na bestuiving vormen kleine, oranje vruchten van ongeveer 1,5 cm groot.
In gematigde klimaten kan deze soort het beste gehouden worden als kamerplant. Zorg daarbij voor een lichte, zonnige standplaats en een goed doorlatende bodem (bijv. cactusgrond of potgrond met zand). Tijdens het groeiseizoen mag regelmatig water worden gegeven, maar laat de grond tussendoor goed opdrogen. In de rustperiode (vaak in de winter) verliest de plant zijn bladeren en kan het bewateren verminderd worden.
Zaaibeschrijving: Zaai de zaden relatief ondiep in zaai- en stekgrond (eventueel gemengd met zand) en plaats ze op een zonnige plek. Grond constant vochtig houden en op warme plaats laten kiemen (bij voorkeur tussen 20 en 25 graden Celsius).
Foto 1: Laurent Houmeau, CC BY-SA 2.0
Foto 3: Hildegard Klein